APS: Kabinet: standpunt rechtsherstel Nederlands-Indië onveranderd
Origineel persbericht.
Vrijdag 12 januari 2007, nummer 1
Kabinet: standpunt rechtsherstel KNIL-militairen en oud-ambtenaren Nederlands-Indië
onveranderd
Het kabinet blijft bij
het standpunt dat de Staat der Nederlanden niet verplicht is tot het uitkeren
van achterstallig salaris aan
KNIL-militairen en oud-ambtenaren
uit het voormalig
Nederlands-Indië. In 2000 heeft het toenmalige
kabinet reeds
bepaald dat verder
historisch onderzoek naar leemten in de
geschiedschrijving rond de periode van de Japanse bezetting en
dekolonisatie niet tot betalingen zouden kunnen leiden. Dat heeft het kabinet vandaag meegedeeld aan het Indisch Platform.
In 2000 besloot het
toenmalige kabinet uit morele overwegingen tot
een finaal gebaar dat recht moest doen aan de bijzondere omstandigheden waarbinnen het rechtsherstel
in Nederlands-Indië heeft plaats
gevonden. Er is toen overgegaan tot het geven van individuele uitkeringen aan ongeveer 100.000
betrokkenen (totaal bijna 160 miljoen
euro) en het beschikbaar stellen van bijna 16 miljoen voor collectieve doelen.
Naast dat financiële
gebaar zijn twee onderzoeken in gang gezet;
aanvullend onderzoek naar de haalbaarheid van het in behandeling nemen van individuele claims met betrekking
tot goederen die tijdens de oorlog met
Japan zijn verloren of beschadigd zijn geraakt en historisch onderzoek naar de
geconstateerde leemten in de
geschiedschrijving rond de periode van de Japanse bezetting en de dekolonisatie.
Uit het eerste
onderzoek, dat is uitgevoerd door de Technische Commissie Haalbaarheidsonderzoek Indische
Tegoeden en zich uitstrekte tot
archiefonderzoek in Nederland, de Verenigde Staten, Groot Brittanië,
Singapore, Maleisie, Indonesië en Japan, is gebleken dat het reconstrueren van op
individueel niveau geleden
schade niet mogelijk is.
Het onderzoek naar de
leemten in de geschiedschrijving heeft volgens het kabinet bovendien geen
nieuwe feiten opgeleverd. Zoals de Hoge
Raad in 1956 en 1958 vaststelde hadden KNIL-militairen
en oud-gouvernementsdieraren
recht op uitbetaling van achterstalig loon, maar kan de Staat der Nederlanden
daarvoor niet financieel
verantwoordelijk worden gesteld. Die verantwoordelijkheid is met de souvereiniteitsoverdracht overgegaan naar de Indonesische
staat.
Met dit standpunt is
niet gezegd dat het kabinet het boek over de Tweede Wereldoorlog sluit. Er zijn
middelen uitgetrokken door het
ministerie van VWS om beleid te ontwikkelen om vraagstukken te beantwoorden die vanuit betrokken burgers,
onderwijs en de wetenschap
aan de orde gesteld kunnen worden.
De Indische
nalatenschap van de Tweede Wereldoorlog krijgt daarbij voorrang. In 2007 start een pilot-project dat zich specifiek richt op het erfgoed van de Tweede
Wereldoorlog in het voormalige Nederlands-Indië.
----------------------------------------------------------------------------------------------------------
Bron
ANP Pers Support
ANP
Pers Support, de redactie van het ANP is niet verantwoordelijk voor de inhoud.
12-01-2007
----------------------------------------------------------------------------------------------------------