DEN HAAG - In grote delen van Nederland is een patiëntenstop afgekondigd voor de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) vanwege geldgebrek. De wachtlijsten voor nieuwe patiënten zullen daardoor verder groeien. Vooral de zogeheten ambulante hulp, waarbij patiënten door een huisarts zijn doorverwezen voor een kortdurende behandeling, heeft eronder te lijden, zegt Jos de Beer, directeur GGZ Nederland.
Eind 2005 hebben de
GGZ-instellingen extra geld gekregen om de wachtlijsten weg te werken, maar dat
geld is volgens De Beer al op omdat de vraag naar psychische hulp sneller is
gestegen dan verwacht. Volgens De Beer heeft dat te maken met de vergrijzing;
meer ouderen hebben hulp nodig. Bovendien is meer geld uitgegeven aan
huisvesting doordat de kwaliteitseisen aan gebouwen de afgelopen tijd zijn
aangescherpt. Het geldgebrek betekent dat sommige psychische behandelingen
wellicht moeten worden afgebroken. De Beer: ,,We proberen zo lang mogelijk door
te gaan met behandelen, dat betekent dat we het zelf moeten betalen en dat kan
natuurlijk niet.'' Volgens De Beer is er tachtig miljoen euro extra nodig.
Twee jaar geleden heeft GGZ Nederland met het ministerie van
Volksgezondheid (VWS) afgesproken dat de instellingen doelmatiger zouden gaan
werken. Zij zouden voor hetzelfde geld meer doen. ,,Met die afspraak hebben we
onszelf in de vingers gesneden,'' aldus de voorlichter van GGZ Nederland.
Zorgverzekeraars Nederland (ZN) maakt zich zorgen over het geldtekort.
,,Wij zitten nu al aan ons plafond. Wij vinden dat het ministerie met meer geld
over de brug moet komen,'' zegt een woordvoerder. Voor ZN blijkt hieruit eens te
meer dat de kortdurende therapieën niet in het basispakket thuishoren. Daarover
wordt nu gesproken op het ministerie. ,,Dat zou de premies te veel opdrijven.''
Volgens het ministerie heeft de sector aan het begin van het jaar 197
miljoen extra gekregen om aan de extra vraag in de GGZ tegemoet te komen. ,,Als
dat niet genoeg is, willen we dat eerst uitzoeken.''
Nederlands Dagblad, 22 juni 2006
De
Volkskrant, Gepubliceerd 2:47 23 juni 2006
DEN HAAG
- Staatssecretaris Ross van Volksgezondheid onderhandelt met haar collega Zalm
van Financiën over honderden miljoenen euro’s extra voor de zorg. Met dat geld
krijgen verpleeghuisbewoners de hulp waar ze recht op hebben en kunnen
wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) worden
voorkomen.
Ross
hoopt met Prinsjesdag een goed resultaat aan de Tweede Kamer voor te leggen.
‘Mensen die recht hebben op zorg moeten dat krijgen. Als er financiële problemen
zijn, los ik die op’, liet de staatssecretaris donderdag
weten.
Eerder
deze week bleek uit een onderzoek van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) dat
verpleeghuisbewoners per week bijna vier uur minder zorg krijgen dan
noodzakelijk is. Het aantrekken van extra personeel om dat op te lossen, kost
minimaal 250 miljoen euro.
PvdA, SP
en GroenLinks vinden dat Ross direct met de benodigde miljoenen over de brug
moet komen. De staatssecretaris wil eerst bezien wat voor een soort hulp gewenst
is. Op basis daarvan baseert ze haar claim bij Zalm.
De
staatssecretaris houdt er verder rekening mee dat ook de instellingen voor
psychiatrische patiënten en de thuiszorg een hoger budget nodig hebben. De GGZ,
ouderen- en gehandicaptenorganisaties waarschuwden afgelopen dagen dat zij
nieuwe hulpverzoeken niet kunnen inwilligen omdat er geen geld meer is. De
wachtlijsten zouden daardoor oplopen.
Ross
beloofde de Kamer ook hiervoor – indien nodig – bij Zalm aan te kloppen. De
staatssecretaris wees erop dat nog geen enkele instelling melding heeft gemaakt
van financiële problemen. Zij heeft de Zorgautoriteit gevraagd te onderzoeken of
mensen daadwerkelijk hulp wordt geweigerd uit geldgebrek. ‘Ik laat dat tot de
bodem uitzoeken.’