Dames en heren,
Graag heet ik alle aanwezigen van harte welkom op de 16e nieuwjaarsreceptie van de Pensioen- en Uitkeringsraad. Ik dank de vertegenwoordigers van de organisaties waarmee de Raad al vele jaren bijzonder goed samenwerkt hartelijk voor hun komst vanmiddag. In het bijzonder wil ik namens het bestuur en de directie mijn dank uitspreken naar alle hier aanwezige medewerkers van de Raad. Een pluim voor u allen, want dankzij uw inzet hebben wij in het afgelopen jaar weer uitstekende prestaties neergezet en is de dienstverlening aan de cliënten goed geweest. Om deze opvattingen ook bij onze cliënten te toetsen zal de Raad in het begin van dit jaar een cliënttevredenheidsonderzoek houden.
Veel gebeurtenissen hebben ons in 2005 beziggehouden; de nasleep van de tsunami in Azië, de dreigende vogelgriep, de bomaanslagen in Londen, het natuurgeweld van de orkaan Katrina en de aardbeving in Pakistan, verbrande asielzoekers op Schiphol, en we lijken vreemd genoeg bijna gewend geraakt aan het feit dat in Nederland sommige politici en schrijvers 24 uur per dag moeten worden bewaakt. Sinds 11 september is de wereld drastisch veranderd. We moesten ‘waakzaam’ zijn. Een bijna onmogelijke opgave, want hoe doe je dat? Maar moet de vraag niet gesteld worden: Hoe nemen we de haat weg en zorgen we ervoor dat de vrijheid en democratie die wij genieten, voor iedereen, wereldwijd bereikbaar wordt?
Het jaar 2005, 60 jaar na de bevrijding. Ook de
Raad heeft aandacht geschonken aan dit herdenkingsjaar in de vorm van twee
herdenkingsnummers van Aanspraak met bijzondere oorlogsverhalen van Nederlandse
oorlogsgetroffenen. ![]()
De nieuwswaarde van de Tweede Wereldoorlog verdwijnt langzaam maar zeker naar de achtergrond in deze tijd waarin de media continu aandacht besteden aan internationaal terrorisme, politiek- en religieus fundamentalisme.
Hoe houden we de herinnering aan de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog levend? VWS besteedt via de directie Oorlogsgetroffenen en Herinnering WOII speciale aandacht aan dit onderwerp middels onderwijs, musea en herinneringscentra. Ook schonk het Koninklijk Huis aandacht aan de herdenking en herinnering van WOII. Kroonprins Willem Alexander en Prinses Maxima openden in april 2005 in Auschwitz een tentoonstelling in het vernieuwde Nederlands paviljoen. Een gebaar dat door velen zeer werd gewaardeerd.
Om aandacht te blíjven schenken aan de
Holocaust, organiseert het Nederlands Auschwitz-comité in samenwerking met het
Centrum voor Holocaust- en Genocidestudies van de Universiteit van Amsterdam
én de Raad deze maand voor de derde keer de ‘Nooit meer
Auschwitz-lezing’. De beroemde en invloedrijke Franse politica Simone Veil, die
Auschwitz en Bergen-Belsen overleefde, zal een toespraak houden en zal de
Annetje Fels Kupferschmidtonderscheiding in ontvangst mogen nemen voor haar
inzet op politiek gebied om antisemitisme en intolerantie in Europa te
bestrijden. Zij houdt haar lezing op 26 januari 2006 in de Beurs van
Berlage.![]()
Dames en heren,
Ik wil het met u in deze nieuwjaarstoespraak graag hebben over ‘bereikbaarheid’. En dan over het begrip ‘bereikbaarheid’ in meerdere opzichten: In hoeverre zijn we bereikbaar en toegankelijk voor onze cliënten? En: Hoe blijft de Pensioen- en Uitkeringsraad in de toekomst bereikbaar voor haar cliënten?
We leven in een moderne samenleving met zoveel prachtige techniek: auto’s, computers, mobiele telefoons, palmtops, laptops, etcetera. Je zou haast denken dat de onderlinge bereikbaarheid en communicatie tussen mensen er op vooruit is gegaan. Het tegendeel is waar: Fileproblemen, computers die vastlopen, geen bereik op het mobiele net. Dat zijn problemen die de onderlinge bereikbaarheid en communicatie wel eens flink frustreren. En als er maar even een flink pak sneeuw valt zoals we in november van het vorig jaar hebben gezien, dan zijn we nergens meer: het licht valt uit, het verkeer zit uren vast en de treinen rijden niet.
Als wíj al zoveel moeite hebben met onze bereikbaarheid en mobiliteit, hoe moeten onze cliënten dan wel niet vastlopen: velen van hen kampen met toenemende ouderdomsgebreken en trauma’s als gevolg van hun oorlogservaringen. Leven in deze moderne tijd valt voor hen beslist niet mee. Een tijd van veranderingen in het zorgstelsel, hogere brandstofkosten, mobiele telefoons waarbij je vingers te groot zijn en je ogen te slecht voor zo’n klein apparaatje. Een tijd waarin steeds meer lotgenoten weg vallen en waarin je daardoor als oorlogsgetroffene nog meer alleen komt te staan. Als het voor de jonge werkende mensen al zo’n wirwar is met marktwerking in de zorg en in het onderwijs, hoe moet dat voor de oudere generatie dan wel niet zijn? Niemand in Nederland (en zeker ook niet in het buitenland) weet precies hoe het nieuwe zorgstelsel zal uitpakken. Alleen Elske ter Veld, die onlangs nog vanaf deze plek voor het personeel van de Raad een zeer heldere voorlichtingsbijeenkomst over dit onderwerp heeft gehouden, behoudt, naar wij hopen, nog enig zicht op alle veranderingen.
Hoe moet onze oudere doelgroep zich in deze ondoorzichtige computerjungle handhaven? En dáár komen onze medewerkers van de Pensioen- en Uitkeringsraad om de hoek kijken: alle hier aanwezige medewerkers zetten zich dagelijks in om onze cliënten bij te staan.
Hoe ‘bereikbaar’ zijn wij voor de doelgroep? En hoe
open en toegankelijk? Met dit thema zijn wij vrijwel dagelijks bezig: we
geven uitleg over de wetten voor oorlogsgetroffenen aan mensen die aanlopen
tegen de ingewikkelde wetgeving.![]()
We zijn net als alle overheidsinstellingen bereikbaar via telefoon, brieven en e-mail, maar voor onze cliënten die extra hulpbehoevend zijn kunnen we extra tijd en aandacht besteden aan een persoonlijk gesprek bij de Raad of bij de cliënt thuis. We luisteren, we verdiepen ons in de persoonlijke en financiële achtergronden van de cliënt om sámen hun vragen te beantwoorden en sámen hun problemen aan te pakken.
Onze cliënten zeggen soms, als zij het te kwaad hebben, tegen onze medewerkers aan de telefoon: “U kunt zich mijn leed toch niet voorstellen, u bent van een andere generatie!” En inderdaad; dat kunnen medewerkers die de oorlog niet aan den lijve hebben ondervonden ook niet. Maar we kunnen wél een luisterend oor bieden, ons inleven in de situatie en waar mogelijk een oplossing bieden. Onze medewerkers doen dat met veel begrip en respect voor de cliënten. Om de kwaliteit van de dienstverlening hoog te houden zullen in 2006 Cliënt Verzorgende Teams gerealiseerd worden, waarin medewerkers opgeleid worden tot allrounders die op alle onderdelen van het cliëntbeheer kunnen worden ingezet. Zodoende heeft de cliënt altijd één aanspreekpunt bij de Raad, hetgeen de bereikbaarheid en de communicatie met de cliënt nog verder zal verbeteren.
In die zin is de Raad goed bereikbaar en cliëntvriendelijk actief: we stellen alles in het werk om het onze cliënten zo makkelijk mogelijk te maken. We moeten gelijktijdig de zorg en aandacht voor onze steeds ouder wordende doelgroep, met een gemiddelde leeftijd van meer dan 75 jaar, intensiveren. We willen dat realiseren door een kwalitatief goede, vereenvoudigde en efficiënte dienstverlening, waarbij we onze cliënten zo min mogelijk lastig zullen vallen met ingewikkelde formulieren. Als het even kan vragen we de benodigde gegevens op bij andere overheidsinstellingen zoals onder andere financiële gegevens bij de Belastingdienst en persoonsgegevens bij de Gemeentelijke Basisadministratie.
In 2005 heeft de directie aan de medewerkers gevraagd met ideeën te komen over de mogelijkheden om een verdere impuls aan onze dienstverlening te geven. Op deze vraag zijn veel waardevolle reacties gekomen. Het is goed dat over dit onderwerp zo positief en creatief wordt meegedacht. Dat geeft aan dat onze medewerkers betrokken zijn bij de cliënten en de problemen waarmee zij worden geconfronteerd.
In het Project Gerichte Benadering werken de Raad en de
Stichting Pelita samen om dat deel van de Indische doelgroep aan te schrijven
dat daadwerkelijk nog een beroep kan doen op de wetten voor oorlogsgetroffenen.
Ook hier is gekozen voor een voorzichtige, cliëntvriendelijke aanpak: de
Stichting Pelita schrijft alleen die mensen aan die geregistreerd staan bij de
Stichting het Gebaar en die nog geen beroep hebben gedaan op één van de wetten
voor oorlogsgetroffenen.![]()
We moeten ook verder in de toekomst kijken. De dienstverlening aan onze doelgroep moet op de langere termijn gegarandeerd blijven. Medio 2003 is de Raad daarom al besprekingen gestart met de Sociale Verzekeringsbank om te bezien of te zijner tijd taken van de Raad aan de SVB kunnen worden overgedragen. In november 2005 hebben VWS en SZW groen licht gegeven voor concrete samenwerking met de Sociale Verzekeringsbank. Zoals het er nu naar uitziet zal begin 2009 het cliëntbeheer en de daaraan gekoppelde taken worden ondergebracht bij de SVB.
In november van het vorig jaar hebben we afscheid genomen van een zestal raadskamerleden. Vanaf 1 januari werken de raadskamerleden samen in het College van Raadskamers, bestaande uit 9 raadskamerleden met mevrouw Hans Dresden als voorzitter. Ook hebben wij in 2005 afscheid genomen van onze vice-voorzitter van het bestuur, Henk Cliteur.
De Raad zal in de komende jaren met minder medewerkers
dezelfde kwaliteit van de dienstverlening blijven garanderen. En zoals het er nu
voorstaat gaat alles dankzij uw inzet en betrokkenheid heel voorspoedig. Ik heb
als bestuursvoorzitter slechts één strategisch advies voor jullie: ‘Ga zo door
in 2006, met dezelfde inzet en betrokkenheid bij onze cliënten, want daar draait
hier tenslotte alles om!’![]()
Dames en Heren,
En dan tot slot de Chinese Finale. De Chinese Maankalender uit het jaar 2637 voor Christus is de oudste kalender ter wereld en werkt als volgt, - ik zei dit al eerder - hij bestaat uit twaalf Chinese dierentekens en aan een dierenteken wordt nog één van de vijf elementen te weten hout, vuur, aarde, metaal (of goud) en water toegevoegd. Keizer Hwang Ti startte met deze Chinese kalender. Hij werd op dat moment 60 jaar en maakte daarom een kringloop van 60 jaar. Hij vond vijf varianten en combineerde de twaalf dieren met de vijf elementen.
De twaalf dieren zijn afkomstig uit de oosterse religie: toen Boeddha de aarde wilde verlaten nodigde hij de dieren uit om afscheid van hem te nemen. Er kwamen er maar twaalf. Die dieren hebben eeuwige roem gekregen toen ze in 2637 voor Christus de cyclus van de dierenriem gingen innemen. De Chinese jaartelling loopt anders dan de onze. Pas op 29 januari 2006 is het jaar van de Haan afgelopen. Het was me het jaartje wel zoals u inmiddels weet. De Haan geeft het stokje over aan de Hond. De Vuur-Hond. Aantrekkelijk, aanlokkelijk, vriendelijk. Voorzichtig in zijn handelen, maar hij bijt even hard als hij blaft.
De onafhankelijke, creatieve geest en sterke wilskracht zal volgend jaar alle problemen- voor de PUR- oplossen. Bekende “Honden” zijn: Lisa Minelli, David Niven, Golda Meir en Winston Churchill. Een gemengd en toch aangenaam gezelschap. Het wordt een plezierig jaar. Ik wens U allen en de Uwen, geluk, gezondheid en heel veel plezier ook toe. Moge 2006 een prachtig jaar worden voor U allen. Het ga U Hond’s goed!